Opleidingen

Home/Opleidingen

Overzicht duikopleidingen en brevetten


Vanaf 12 jaar kun je deelnemen aan de duikopleidingen. Silent World biedt opleidingen op elk niveau. De éénsters-duikopleiding is de eerste stap op weg naar een boeiende hobby, waarin je veilig leert duiken met een buddy. Met de tweesters-duikopleiding verbreed je je horizon en ervaar je de verschillende mogelijkheden van de duiksport. Zo ga je bijvoorbeeld nachtduiken maken en duiken in getijdenwater. In de driesters-duikopleiding worden de puntjes op de i gezet en leer je ook clubgenoten te begeleiden.

Kinderen in de leeftijd van 12 tot 14 jaar kunnen bij Silent World leren snorkelen en duiken met perslucht in het zwembad. Alle lessen worden gegeven volgens het nieuwe ScubaDoe-programma van de NOB. Hierbij wordt geleerd op een veilige en leuke manier met snorkelen en perslucht om te gaan. De ScubaDoe-jeugdopleiding bestaat uit drie niveaus en wordt gegeven door ervaren duikinstructeurs. Als je de ScubaDoe-jeugdopleiding hebt afgerond kun je verder met de éénsters-duikopleiding. Meer weten over de ScubaDoe-jeugdopleiding? Neem een kijkje op de speciaal ingerichte ScubaDoe-website of neem contact met ons.

Duiken kan iedereen!
Stroomschema duikopleidingen

1*-juniorduiker

Duiken is een spannende hobby!

Als 1*-juniorduiker word je opgeleid om zelfstandig met minimaal een meerderjarige 1*-duiker te kunnen duiken tot een diepte van 10 meter. Je doet dat onder gelijke of lichtere omstandigheden dan waarin je bent opgeleid, je blijft te allen tijde binnen de nultijden en je duikt maximaal één keer per dag of zes keer per week. De minimale watertemperatuur op de maximale duikdiepte tijdens de duik bedraagt 14°C.

Ingangsniveau
Om deel te nemen aan de opleiding tot 1*-juniorduiker moet je:

  • lid zijn van de NOB;
  • minimaal 12 jaar zijn;
  • duikmedisch goedgekeurd zijn.

Duikervaring
Voordat je het 1*-juniorbrevet kunt aanvragen, moet je minimaal vijf oefenduiken in het buitenwater hebben gemaakt. De duiken die je in het kader van je opleiding maakt tellen hiervoor mee.

Geldigheid
Het 1*-juniorbrevet kent een beperkte geldigheid tot uiterlijk je vijftiende levensjaar. Dat wil zeggen dat je je jeugdbrevet voordat je vijftien wordt moet omzetten in een regulier 1*-duikbrevet. Doe je dat niet, dan vervalt je 1*-juniorbrevet.

Vervolgopleiding
De 1*-juniorduiker wordt in de Engelse benaming aangeduid als Junior Open Water Diver. Dit is een internationaal bekende benaming. Je kunt je verder in de duiksport verdiepen door het volgen van een inschaling naar het 1*-duikbrevet en het volgen van specialisaties.



1*-duiker

Duiken is niet moeilijk!

Als 1*-duiker word je opgeleid om zelfstandig met minimaal een gelijkgebrevetteerde duiken te kunnen maken tot een diepte van 20 meter. Je doet dat onder gelijke of lichtere omstandigheden dan waarin je bent opgeleid en je blijft te allen tijde binnen de nultijden. Je duikt niet in getijdenwater. De NOB heeft ervoor gekozen een medische keuring van geschiktheid voor de duiksport verplicht te stellen. In de aanloop naar het 1*-duikbrevet kun je met een eigen medische verklaring en vrijwaring volstaan tot aan de eerste duik in het buitenwater.

Om deel te nemen aan de opleiding tot 1*-duiker moet je:

  • lid zijn van de NOB;
  • minimaal 14 jaar zijn.
  • beschikken over een geldige medische goedkeuring voor het beoefenen van de duiksport.

Voordat je het 1*-duikbrevet kunt aanvragen, moet je minimaal vijf oefenduiken hebben gemaakt. De duiken die je maakt in het kader van je opleiding tellen hiervoor mee.

De 1*-duiker wordt in de Engelse benaming aangeduid als Open Water Diver. Dit is een internationaal bekende benaming, waarvan de bevoegdheden aansluiten bij wat je als 1*-duiker in de opleiding hebt geleerd. Je kunt je verder in de duiksport verdiepen door het volgen van de 2*-duikopleiding óf door het volgen van specialisaties.



2*-duiker

Er gaat een wereld voor je open!

Als sportduiker heb je heel veel mogelijkheden om plezier aan je hobby te beleven. Je kunt duiken in getijdenwater, na zonsondergang de vissen bewonderen die je overdag niet ziet, het leven onder water herkennen en meer kennis opdoen in het assisteren van je buddy bij onverwachte situaties. Je verbreedt in deze opleiding je horizon.

In de 2*-duikeropleiding doe je ervaring op met het plannen en veilig uitvoeren van duiken onder diverse omstandigheden. Er wordt bovendien aandacht besteed aan de meest voorkomende duikgerelateerde aandoeningen: hoe herken je ze en hoe moet je erop reageren? Als 2*-duiker duik je binnen de nultijden. Voordat je je 2*-duikbrevet kunt aanvragen, moet je in totaal minimaal 20 duiken hebben gemaakt. De duiken uit je vorige opleiding tellen hierbij mee, evenals de duiken die je maakt in het kader van de opleiding.

Om deel te kunnen nemen aan de opleiding tot 2*-duiker moet je:

  • lid zijn van de NOB;
  • minimaal 15 jaar zijn;
  • beschikken over een geldige medische goedkeuring voor het beoefenen van de duiksport;
  • beschikken over het 1*-duikbrevet of een gelijkwaardig ander brevet.

De 2*-duiker wordt in de Engelse benaming aangeduid als Advanced Open Water Diver. Dit is een internationaal bekende benaming, waarvan de bevoegdheden aansluiten bij wat je in je opleiding hebt geleerd.

Als 2*-duiker kun je verdergaan met de 3*-duikopleiding. Je kunt er ook voor kiezen om je te verdiepen in specialisaties (IJsduiken, Wrakduiken, Zoeken en Bergen, Driftduiken en Digitale Onderwaterfotografie).


3*-duiker

Je duikt nu alweer een tijdje en je merkt dat het je steeds meer gaat boeien!

De 3*-duikopleiding is een leergang van verdieping: in deze opleiding worden de puntjes op de i gezet en de achtergronden van wat je tot nu toe als vaste gegevens hebt aangenomen verduidelijkt. Je wordt opgeleid als ‘begeleidend duiker’. Je leert in het onderdeel Redden hoe je moet reageren bij een duikongeval. Ook leer je hoe je duikers in opleiding kan begeleiden door duiktechnieken met hen te oefenen. Tenslotte worden je recente inzichten in de decompressietheorie aangeboden. Ook de 3*-duiker duikt binnen de nultijden. Voordat het 3*-duikbrevet kan worden aangevraagd, moet je in totaal minimaal 60 duiken hebben gemaakt. De duiken uit je vorige opleidingen tellen hierbij mee, evenals de duiken die je maakt in het kader van je opleiding.

Om deel te kunnen nemen aan de opleiding tot 3*-duiker moet je:

  • lid zijn van de NOB;
  • minimaal 18 jaar zijn;
  • beschikken over een geldige medische goedkeuring voor het beoefenen van de duiksport;
  • beschikken over het 2*-duikbrevet of een gelijkwaardig ander brevet.

De 3*-duiker wordt in de Engelse benaming aangeduid als Dive Master. Dit is een internationaal bekende benaming, waarvan de bevoegdheden aansluiten bij wat de NOB-3*-duiker in zijn opleiding heeft geleerd.

Als 3*-duiker sta je voor de keuze of je je verder gaat specialiseren in het duiken óf dat je kiest voor de instructiekant: de opleiding tot 1*-instructeur. Je kunt het natuurlijk ook allebei doen. De 3*-duiker kan kiezen uit alle specialisaties, inclusief Decompressieduiken en Nitrox Gevorderd.

De 3*-duiker en decompressieduiken
Als 3*-duiker leer je veel over decompressie. Zo weet je straks precies hoe het zit met de effecten van herhalingsduiken, jojoën, te weinig water drinken enzovoort. Met die wetenschap kun je je eigen duikveiligheid nog verder vergroten. Mocht je dan eens onverwacht in deco raken, dan heb je voldoende kennis en vaardigheden om weer veilig boven te komen. Wil je als 3*-duiker echt geplande decoduiken gaan maken, dan bereidt de specialisatie Decompressieduiken je daarop voor. In deze specialisatie ga je die decoduiken namelijk ook echt maken; en er wordt geoefend met het gebruik van de decoboei en met het maken van luchtberekeningen. En dat laatste is bepaald geen overbodige luxe: elk jaar weer blijkt uit de ongevallenregistratie dat het goed kunnen maken van luchtberekeningen van essentieel belang is. Veel duikongevallen – met name decompressieongevallen – zijn het gevolg van een tekort aan lucht! Want je kunt natuurlijk wel mooi uitrekenen waar en hoe lang je je stops moet maken, als je geen lucht meer hebt, zul je toch naar boven moeten.

Dive Master; 3*-duiker aan de leiding
Als 3*-duiker kun je alle kanten op; een van de dingen die je leert, is het begeleiden van duikers. Begeleiden van gebrevetteerde duikers tijdens een clubduik, maar ook oefenen met duikers die in opleiding zijn voor hun volgende brevet.

Als je als 3*-duiker een duiker in opleiding begeleidt, gelden de volgende regels:

  • je leert geen nieuwe vaardigheden aan; dat is voorbehouden aan instructeurs;
  • je oefent vaardigheden in het buitenwater die de 2*-duiker in opleiding al eens met zijn instructeur heeft gedaan;
  • je voert de oefeningen altijd uit in overleg met de instructeur / hoofdtrainer;
  • je mag geen vaardigheden in het buitenwater oefenen met duikers die in opleiding zijn voor het 1*-duikbrevet: duikers die nog niet over een brevet beschikken, moeten in het buitenwater altijd worden begeleid door een 2*-instructeur. Let op: er is één uitzondering op deze regel. De 3*-duiker mag een 1*-duiker-in-opleiding in buitenwater begeleiden tijdens een ‘funduik’, of in plat Nederlands, simpel onder water rondzwemmen voor het plezier en het opdoen van ervaring. Deze bevoegdheid geldt niet voor de eerste buitenwaterduik, omdat het hier om een nieuwe ervaring gaat; het geldt daarom vanaf de tweede buitenwaterduik.

De eisen met betrekking tot brevettering en begeleiding hangen dus af van het soort buitenwaterduik. We onderscheiden drie soorten:

  1. de opleidingsduik: hierin wordt een nieuwe vaardigheid aangeleerd. Dit gebeurt altijd door de 2*-instructeur.
  2. de georganiseerde (club)duik: hieraan nemen alleen duikers mee die beschikken over de vereiste brevet(ten) en ervaring. De 3*-duiker heeft hier de rol van coördinator.
  3. de begeleide duik: tijdens een begeleide duik kan een 3*-duiker een duiker in opleiding begeleiden die nog niet over het juiste brevet beschikt, maar al wel over tenminste eenmaal ervaring (met zijn 2*-instructeur). De 3*-duiker is hier begeleider en leidend duiker.

De 3*-duiker staat in een opleidingssituatie altijd onder verantwoordelijkheid van een 2*-instructeur. Deze is op de locatie aanwezig. Een 3*-duiker die een begeleide duik maakt met een 2*-duiker in opleiding (bijvoorbeeld een tweede nachtduik nadat de eerste nachtduik met een 2*-instructeur gedaan is) staat ook onder verantwoordelijkheid van een 2*-instructeur. In dit geval hoeft de instructeur niet op de locatie aanwezig te zijn.



4*-duiker
De 4*-duiker wordt in de Engelse benaming aangeduid als Master Scuba Diver. Dit is een internationaal bekende benaming. Voor het 4*-duikbrevet is geen aparte opleiding. Het is een verzameling van specialisaties en duikervaring. Dit brevet kun je aanvragen zodra er 250 duiken geregistreerd staan. De brevetverklaring “250 gelogde duiken” kun je downloaden. Deze moet je laten aftekenen door een 2* instructeur of Instructeur-trainer. Verder moet je minimaal een 3*-NOB-duikbrevet (of gelijkwaardig) hebben en zes NOB-specialisaties hebben gevolgd. Deze moeten tevens alle zijn geregistreerd bij de NOB.

Het 4*-duikbrevet is bedoeld voor duikers die zich in hun hobby willen verdiepen. Het brevet is niet nodig om een instructeursopleiding te kunnen volgen.



Specialisatie IJsduiken

Specialisaties
Specialisaties bieden een mogelijkheid om kennis te maken met een onderdeel van het duiken waarvoor specifieke kennis en vaardigheden nodig zijn. Regelmatig organiseert Silent World specialisaties zoals: redden, onderwaterbiologie, ijsduiken, wrakduiken, decompressieduiken en duiken met Nitrox. Het ingangsniveau is afhankelijk van de specialisatie, maar vanaf het éénsters-brevet zijn er mogelijkheden om deel te nemen aan verschillende specialisaties. De specialisaties worden gegeven door duikinstructeurs die zelf ruime ervaring hebben met de behandelde stof. In het onderstaande overzicht kun je zien welke specialisaties Silent World allemaal aanbiedt. Voor uitgebreide informatie over de specialisaties, klik op de button links onder de afbeelding. Je wordt dan doorverwezen naar de website van de NOB.

  • Decompressieduiken: Het doel van de specialisatie decompressieduiken is, dat cursisten in staat zijn zelfstandig een decompressieduik voor te bereiden en uit te voeren. Daarbij moet een zorgvuldige duikplanning worden opgesteld en dient volgens deze planning gedoken te worden.
  • Digitale onderwaterfotografie: Deze cursus is speciaal bedoeld voor hen die de eerste stappen op het gebied van onderwaterfotografie gaan zetten. Er is een theoriedeel en een praktijkdeel in het zwembad. Na deze cursus kunnen de deelnemers een camera gebruiksklaar maken en van een gegeven voorwerp in het zwembad een goed belichte en scherpe foto maken.
  • Onderwaterfotografie gevorderd: Deze cursus is een vervolg op de basiscursus en bedoeld voor duikers met een spiegelreflex- of uitgebreide systeem- of compactcamera die hun fotohobby nog verder uit willen diepen.
  • Driftduiken: Het doel van de specialisatie Driftduiken is de cursist de kennis, het inzicht en de vaardigheden bij te brengen die hem in staat stellen op een veilige en verantwoorde manier aan een driftduik deel te nemen en zelfstandig een driftduik voor een groep duikers voor te bereiden en te begeleiden.
  • Droogpakduiken: Na het doorlopen van deze specialisatie moet de cursist: voldoende weten over de diverse soorten droogpakken, de eigenschappen kennen van de diverse onderdelen van het droogpak en in staat zijn te duiken met een droogpak onder alle mogelijke (sport)duikomstandigheden.
  • Grotduiktechnieken in open water: De cursist leert de kennis en vaardigheden aan om grotduiktechnieken toe te passen in open water. Hij heeft kennis van de materialen die bij grotduiken worden gebruikt en van de specifieke aspecten die bij grotduiken een rol spelen.
  • IJsduiken: Cursisten krijgen de kennis en vaardigheden aangereikt om: deel te nemen aan een ijsduik en een ijsduik te organiseren. Daarbij is de veiligheid van de deelnemers en overige aanwezigen gewaarborgd. Tevens leert men ervoor te zorgen dat geen schade en/of overlast bezorgd wordt aan het milieu, de omgeving en derden. De formele veiligheids- en overige richtlijnen, alsmede de plaatselijke verordeningen moeten nageleefd worden.
  • Nitrox basis: Na het behalen van het brevet Nitroxduiken heeft de cursist voldoende kennis betreffende het maken van niet-decompressieduiken met de standaard nitroxmengsels EAN32 en EAN36. Hij heeft basiskennis van de belangrijkste materialen en vulmethoden die bij het duiken met EANx worden gebruikt. Hij heeft kennis van de aanvullende medische aspecten die een rol spelen bij het duiken met EANx.
  • Gevorderd Nitrox: De cursist leert de kennis en vaardigheden aan om te duiken met verrijkte luchtmengsels (van tenminste 22% en ten hoogste 40%) en voorbij de nultijden van de duiktabel of duikcomputer met decogassen (zuurstofpercentages van 50% tot 100%).
  • Onderwaterbiologie: Het doel van de specialisatie Onderwaterbiologie voor de cursist is: kennis opdoen over het leven onder water, inzicht krijgen in de relaties tussen organismen onderling en tussen organismen en de omgeving, beter leren observeren van het leven onderwater, inzicht verkrijgen in de soorten samenstelling van de Nederlandse duikgebieden, door de opgedane kennis meer plezier krijgen in het duiken en door de ervaringen in deze specialisatie opgedaan, komen tot een milieuvriendelijker duikgedrag.
  • Onderwateroriëntatie: De cursist leert de kennis en vaardigheden aan om: zich op een aantal manieren onder water te oriënteren, vastgestelde afstanden te zwemmen m.b.v. het aantal vinslagen of de benodigde tijd en parkoersen in diverse moeilijkheidsgraden te zwemmen.
  • Redden: De cursist leert hoe hij een incident of duikongeval kan voorkomen en herkennen, hoe hij moet handelen als het nodig is en welke rol hij zelf in een reddingsactie kan spelen. De specialisatie behandelt de organisatie van een reddingsoperatie tot en met de melding aan de DOSA. Ook leert de cursist hoe hij een duiker zuurstof kan toedienen. Via de DAN-applicatie Basic Life Support (afgekort BLS; verplicht onderdeel van de specialisatie Redden) leert hij hoe hij iemand kan reanimeren. In het kader van de samenwerking met DAN is het onderdeel reanimatie per 1 juli 2011 volledig uit de specialisatie Redden verdwenen; een duiker behaalt zijn reanimatiediploma nu via DAN, het Oranje Kruis of de Hartstichting.
  • Volgelaatsmasker: De cursist leert de kennis en vaardigheden aan om onder verschillende omstandigheden adequaat een volgelaatsmasker te gebruiken, zodat hij daarmee ontspannen en veilig kan duiken. De cursist maakt in de leergang daarom vier ervaringsduiken. Tevens doet de cursist kennis op van de verschillende beschikbare volgelaatsmaskers (VGM’s), hun werking en typische voor- en nadelen voor de sportduiker. Alle VGM-opleidingsduiken blijven binnen de nultijden.
  • Wrakduiken: Na het doorlopen van deze specialisatie moet de cursist: zelfstandig een wrakduik kunnen voorbereiden en alle handelingen behorende bij een wrakduik kunnen uitvoeren, als omschreven in deze specialisatie.
  • Zoeken & Bergen: Na het doorlopen van deze specialisatie moet de cursist: zelfstandig een zoekactie kunnen voorbereiden en uitvoeren, al dan niet in combinatie met andere duikers, en een voorwerp van de bodem kunnen bergen met een hefballon.